Integratie moet van twee kanten komen

Integratie is Mislukt
Je hoort het Angela Merkel zeggen (2012). En in Nederland wordt het uittentreure herhaald door autoriteiten die voor integratie verantwoordelijk zijn. Laatstelijk nog naar aanleiding van een onderzoek (altijd brood op de plank voor onderzoekers hier!) onder lesgevenden. De helft of meer dan de helft vond ook dat “integratie was mislukt”.

Als je dan verder kijkt naar wat leraren zeggen, dan blijkt dat ze heel veel moeite hebben met het samenbrengen van verschillende groepen leerlingen. Van rijke en van arme afkomst, jongens en meisjes, en ja, ook die van autochtone en allochtone afkomst. Ze vormen “groepen” die onderling geen contact hebben.

En geloof me (oud-leraar sociaal-economische geschiedenis), dat IS moeilijk. Dat is altijd moeilijk geweest. Deze leraren verdienen alle mogelijke vormen van ondersteuning en respect. Respect, want ongeveer de helft of meer slaagt er WEL in om zijn/haar lessen in het teken van integratie te zetten van sexe, van status en van ethnisch-culturele afkomst.

Maar wat IS integratie dan eigenlijk?

In Nederland heeft zich de gedachte ontwikkeld, dat integreren de taak van de nieuwkomer/ster is. Dat is echter helemaal niet zo vanzelfsprekend. Integreren is een wederkerig werkwoord. Je integreert samen. Men integreert ZICH. Niet een ander. Dat laatste heet assimileren. Zich aanpassen. Erbij willen horen. Wel sjabbes houden maar zaterdagavond na zonsondergang gauw het werk inhalen.

Joden hadden daar bijna twintig eeuwen ervaring mee. En toch heeft het hen niet beschermd tegen de massamoord van de Nazis en hun helpers. Erger nog: Hoe geassimileerder, hoe weerlozer. Het is geen toeval dat de geassimileerde/geintegreerde joden van Nederland in veel grotere percentages zijn omgekomen in de holocaust dan de meer wantrouwende en pogrom-ervaren Poolse joden van Antwerpen.

In het begin van de negentiger jaren kregen we reeds een fatwa te horen van conservatief-liberale ajatollah Bolkestein vanuit Zwitserland: “Islam is onverenigbaar met onze verlichte samenleving van het Westen”. Integratiepogingen zijn vergeefse moeite.

Het duurde tot 1999 totdat voormalig CPN lid Paul Scheffer een  wake-up call publiceerde in de NRC, waarin opnieuw de nieuwkomers zelf de schuld kregen van de onmacht/onwetendheid/onwil van de bestaande maatschappij voor de problemen. Pim Fortuyn ging er gauw mee aan de haal. Theo van Gogh en Ajaan Hirsi Ali lieten zich niet onbetuigd.

En zo ontstond dat krankzinnige idee in Nederland, dat nieuwkomers alleen en uitsluitend verantwoordelijk zouden zijn voor “integratie”.

Vanuit Wassenaar, Bloemendaal of de grachtengordel lijkt dat logisch. Ze komen nauwelijks Marokkanen tegen. Op de Amsterdamse Zuidas is nog nooit een deal afgesprongen omdat de investerende Arabische prins geen hand gaf aan de vrouwelijke investment manager.

Maar als een gelovige moslim een vrouw simpelweg vriendelijk toeknikt in plaats van handenschudden, dan is “onze cultuur in doodsgevaar”. Er zijn zat vrouwen die ik tegenkom en van wie ik voel dat ze niet gediend zijn van lichamelijke knuffels. Ze zijn content met mijn hallo/goodbye. Ik dacht altijd dat dat beschaving was.

Eenzijdige bemoeilijkte “integratie” als concessie aan haatzaaiers

Maar nu blijkt dat de PvdA in Rutte 2 gewoon heeft uitgevoerd wat Wilders en kornuiten in Rutte 1 hadden opgelegd, namelijk dat nieuwkomers zelf met geleend geld onzinnige en ongecontroleerde cursussen moeten volgen om te “integreren”, nu is mijn klomp definitief gebroken!

Voordat Bolkestein en Paul Scheffer verordineerden wat ze dachten dat Nederland zou redden, was onder VVDer Wiegel een directie coordinatie minderhedenbeleid ontstaan bij het ministerie van Binnenlandse Zaken.

Het was 1982. Niemand wist of de komende jaren van Lubbers of van Den Uyl zouden zijn. Ik kreeg als nieuwe ambtenaar de gelegenheid om gemeenten een program voor te stellen om in wijken waar problemen zich ophoopten, steun en emancipatie te ontwikkelen voor ALLE bewoners, autochtoon of allochtoon. Er was 700 mln guldens mee gemoeid in 17 gemeenten en 32 wijken. Hoofdprincipe was de integrale aanpak. Het moeilijkst uit te leggen, viel de steun aan de autochtone wijkbewoner/sters die hun kant van het integratieproces werden geacht te vervullen. Want ja, je krijgt allemaal onbegrijpelijke buren, je kinderen gaan naar Almere of IJsselmonde en jij bent werkloos omdat je te oud bent.

Ik moet bekennen, het is maar gelukt in twee of drie van de 17 gemeenten. In Groningen, Rotterdam Zuid en elders. Door in te spelen op wat oude en nieuwe bewoners gemeenschappelijk hebben. Nieuwe bedrijfjes, volkstuintjes, zangkoren, sportterreinen, banen bij nieuwe hotels en restaurants. Wat ik wil meegeven, is dat integratie ook betekent dat de ontvangende bevolkingsgroep zich aanpast aan de nieuwe situatie. EN DAARBIJ geholpen wordt.

Want integreren is net zo moeilijk voor nieuwkomers als voor oudkomers.

Conclusie: Dus ophouden met zeggen tegen gemarginaliseerde mensen in stedelijke achterstandswijken: ” O, o wat heb je gelijk dat je verontrust bent!” Maar concrete oplossingen bieden, samen met de immigranten. Samen volkstuinen maken. Een restaurant openen. Een theater en een schrijfschool voor vrouwen. Ik heb het allemaal zien lukken. Overal in West Europa.

Dus wil je echt integratie? Begin dan met de groep die ontvangt! Integreren doe je samen. En de staat kan helpen, moet helpen, en het kost weinig.

Eén gedachte over “Integratie moet van twee kanten komen”

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *